Nancy Leon (16) derde jaar: 'Je kunt zelf aangeven wat je wilt en dan gaan ze hier kijken of het kan'
'Dit is een leuke school. Als je 15 bent krijg je er stage bij. Ik ga nu vaak van hier naar TalentStad, want ik wil graag modeontwerper worden. Dat is nieuw. Ik heb al eens een keer een jasje met voering ontworpen van een patroon uit een boek. Het viel best mee. We zijn op TalentStad nu bezig met presentatie, compositie en vitrine. Die moet je inrichten met parfums en deo’s en zo. En je moet ook handel en verkoop doen, want dat zit ook in het pakket. Je leert hoe je de dingen moet presenteren en verkopen, en hoe je prijskaarten en tekstkaarten moet maken en zo. Het is fijn op De Boog. Je kunt zelf aangeven wat je wilt, en dan gaan ze kijken of het kan en hoe het moet. Bij crea kun je hier ook ontwerpen en naaien en zo. Het leukste wat ik hier meegemaakt heb, was kamp. Toen zijn we een paar dagen met drie klassen naar Walibi geweest, in het bungalowpark. Ik zit hier wel op een goede plek en daar ben ik blij mee.'
Marcel Husen (17) vijfde jaar: ‘Het is opvallend hoe vriendelijk de leerlingen tegen de nieuwelingen zijn’
‘Dit is mijn laatste jaar op De Boog. Ik ben hier niet van het begin af aan. Eerst zat ik op een andere school voor speciaal onderwijs, maar het ging niet goed daar. Ik voelde me daar niet op m’n plek en ik had woedeaanvallen. Gelukkig kon ik hier toch heen. Ik was hier al een keertje wezen kijken en toen vond ik het er ook al heel mooi uitzien. Ik ben dyslectisch en ze dachten dat ik adhd had. Eerst kreeg ik pillen, maar ze bleken niet te werken en ik had ook helemaal geen adhd. Nu heb ik geen medicijnen meer. De eerste week was wel heel erg wennen, het was zó anders. Maar op een gegeven moment vind je je draai en krijg je vrienden en toen vond ik het leuk. Hier kun je gewoon jezelf zijn. Het is opvallend hoe vriendelijk de leerlingen tegen de nieuwelingen zijn. Ik wil later wel in de patisserie en chocolaterie werken, met toetjes en zo. Ik zou wel zo’n opleiding willen volgen. Ik loop nu stage bij banketbakkerij Van Orsouw. Dat is geweldig. Ze zijn tevreden over mij. Je leert hier op school wel veel. Als je er voor wilt gaan, dan kan dat ook. Je moet het wel echt willen. En je leert hier ook doorzetten. Dit is wel een goede plek voor mij. Ik loop nu drie dagen stage, en binnenkort vier als het goed gaat. Ik heb geen last van woedeaanvallen meer. Soms nog wel stress als iets niet lukt, maar dan probeer ik gewoon rustig te blijven. Als laatstejaars moet je een voorbeeld zijn voor de anderen.’
Evelien Smid (16) derde jaar: ‘Ik heb er nooit spijt van gehad dat ik hier naar toe ben gegaan’
‘Eerst was ik altijd heel druk en nu nog wel een beetje. Ik heb adhd en ik krijg medicijnen. Dat is beter voor je concentratie. Hier heb je theorievakken en praktijkvakken. Maar je krijgt steeds minder theorie, dus het wordt steeds leuker. Als je 15 bent mag je stage gaan lopen. Eerst heb ik bij de Wibra stage gelopen, toen bij Albert Heijn en nu werk ik bij een bakkerij, op Urk. Dat vind ik geweldig. Later wil ik heel graag in een bakkerij werken. Zelf woon ik in Emmeloord. Daar hebben ze ook wel praktijkonderwijs, maar ik vond De Boog leuker. Nooit spijt van gehad. Ik vind het vak koken leuk omdat dat natuurlijk met bakken te maken heeft. Crea vind ik ook leuk, maar dat heb ik niet meer omdat ik stage loop. Bij Engels ben ik bezig om het IVO-diploma te halen. Ik heb ook bij Nederlands twee IVO-diploma’s gehaald. Op maandagmiddag gaan we naar TalentStad. Daar oefenen we in een namaak-winkel. In de bakkerij mag ik ook wel eens achter de kassa staan, maar dan helpen ze me wel omdat ik een keer een euro teveel had teruggegeven. Dit is een hele fijne school, maar ik heb wel zin om echt aan het werk te gaan bij een bakker.’
Jantina Westhuis (16) vierde jaar: ‘Het is wel moeilijk om te kiezen; ik weet niet wat ik het leukste vind’
‘Ik woon in Vollenhove. Dat is iets van drie kwartier met de bus. Ik ben naar deze school gegaan omdat ik op de basisschool niet zulke goede cijfers had. Ik vind het een hele gezellige school en de leraren zijn aardig. Je krijgt een mentor en daar kun je van alles mee bespreken. Als je problemen hebt, of als je iets moeilijk vindt. Je kunt ook overleggen waar je stage wilt lopen. Hierna ga ik naar TalentStad, naar die leuke winkel. Ik denk dat ik later ook wel in een winkel wil werken. Maakt me nog niet veel uit waar. Ik heb bij een bakker stage gelopen en bij een warenhuis en bij een supermarkt. Nu ben ik bij een groenteboer, dat vind ik ook heel leuk. Het is wel moeilijk om te kiezen, ik weet niet wat ik het leukste vind. Als je stage wilt lopen mag je zelf aangeven waar je dat wilt. En dan regelt de school het. Je mag dus zelf mee zoeken. Crea vind ik een leuk vak. Daar heb ik van alles gemaakt, bijvoorbeeld een kussen. Ik hou niet zo van theorievakken. Ik weet niet wat ik leuker vind, stage of school, ik vind het allebei fijn.’